wie fleisch thbOnlangs trok een Duitse advertentie op Facebook mijn aandacht: "Wiefleisch, vlees uit groente!" Vegan, zonder soja, zonder tofu, maar wel met groente en peulvruchten. En dat in vier soorten: 'bacon', 'kip', 'gehakt' en 'rund'. Volgens de website met zeer overzichtelijke ingrediëntenlijstjes, zonder kunstmatige toevoegingen, grotendeels op basis van groente (32%) en erwten (20%). Dat kan toch helemaal niet 'wie Fleisch' ('net als vlees') smaken? Ik heb de stoute schoenen aangetrokken en een proefpakketje aangevraagd.

Al een paar dagen later werd er een flinke geïsoleerde box geleverd, met daarin vooral koelelementen en vier zakjes Wiefleisch à 150 gram. In verschillende blogs wordt deze verpakking bekritiseerd; de producent is zich daarvan bewust en zoekt naar alternatieven - de verpakking die ik kreeg, was al minder milieuvervuilend dan de eerste versie. De verzendkosten naar Nederland zijn 9,90 euro voor een bestelling tot 30 euro.

De blokjes en reepjes zien er op het eerste gezicht vrij overtuigend uit als vlees. Misschien wordt die indruk ook versterkt doordat het verse vlees dat ik voor de hond koop ook in zulke (iets grotere) plastic zakjes wordt geleverd. Maar daar laat ik me niet door afschrikken: ik weet tenslotte dat het spul vooral uit groente, erwten en aardappelzetmeel bestaat. Ik besluit de komende vier dagen met Wiefleisch te koken.

01 vier keer wiefleisch

Wie Bacon

Ik heb al ongeveer twee decennia geen vlees gegeten, maar kan me nog wel herinneren dat ik uitgebakken spekjes door de stamppot erg lekker vond. Tegenwoordig serveer ik stamppot met bijvoorbeeld champignons uit de wok, een tomatensausje, walnoot, gedroogde tomaat of geroosterde zonnebloempitten. Erg afwisselend en lekker, maar dat knapperige, rokerige heb ik dus ook al twee decennia niet gegeten - en ook niet erg gemist.

Enter 'Wie Bacon'. Ik open het plastic zonder grote verwachtingen. De blokjes zijn een beetje sponsachtig, flexibeler dan ik had verwacht. Voordat ik het in de pan gooi, eet ik er eerst eentje gewoon 'rauw': aangenaam rokerig, lekker sponzige textuur, wellicht een beetje hamachtig. Die blokjes zou je op zich zo al door de stamppot kunnen mengen. Maar ik wil natuurlijk knapperige 'spek' door mijn spruitjesstamppot! Vijf minuten voordat de stamppot klaar is, bak ik de 'bacon' op hoog vuur in een beetje olijfolie. Tegen mijn verwachting in krijgen de blokjes een knapperig laagje. Na vijf minuten zijn de spekjes (en ook de stamppot) klaar. De gebakken 'bacon' ziet er een beetje kunstmatig rood-oranje, maar best wel smakelijk, uit. Zo op zichzelf smaken de gebakken blokjes wat droog (net als uitgebakken spek zelf, als ik me dat goed herinner), maar door de stamppot zijn ze echt lekker knapperig en rokerig. Ik kreeg er zelfs een beetje een nostalgisch gevoel bij. Maar - en dat vind ik een groot voordeel, anderen misschien een nadeel - het smaakt absoluut niet naar vlees! 'Spek' dat op spek lijkt, maar niet naar spek smaakt.

De 'bacon' is dus met vlag en wimpel door de arbitrage gekomen. Op de website geeft Wiefleisch overigens een recept voor Flammkuchen met nepspek.

02 wie bacon in pan 03 wie bacon spruitjesstamppot

Wie Hühnchen

Het allereerste gerecht dat mij bij de 'kip'-reepjes te binnen schiet, is kip-kerrie, want dat was vroeger een van mijn lievelingsgerechten - met kerriesaus uit een pakje. Ondertussen is mijn curry een stuk volwassener geworden, zonder zakje en met zelf gemengde en gevijzelde specerijen. Met lekkere groente en een handvol kikkererwten heb je die 'kip' ook helemaal niet meer nodig. Toevallig staat er op de site van Wiefleisch ook een recept voor een curry (dat ik verder niet volg).

Ondanks dat de 'kip' grotendeels dezelfde ingrediënten heeft als de 'bacon', lijkt de textuur wat 'ronder'. De kleur is ook wat bleker dan die van de 'spek'. Rauw is de smaak vrij neutraal, wel een prettig mondgevoel. In de pan bak ik de reepjes in zo'n vijf minuten goudbruin: knapperig aan de buitenkant, smeuïg van binnen. Naar kip smaakt het gelukkig niet. Volgens het recept op de site kan ik vervolgens de groente toevoegen, gevolgd door de kokosmelk en de specerijen. Hierdoor worden de reepjes wel wat minder knapperig, blijkt tijdens het eten - jammer. Desondanks betrap ik mezelf er op dat ik één 'kipreepje' bewaar voor de allerlaatste hap.

Voor een curry heb je natuurlijk helemaal geen vleesvervanger nodig, maar stiekem vond ik die 'kip'-reepjes in de curry wel erg lekker!

04 wie huhn in pan 05 wie huhn curry

Wie Hack

Al sinds jaar en dag eten we graag fusilli bolognese met 'gehakt' op basis van sojagranulaat. Sojagranulaat klinkt ietwat onsmakelijk, maar je kunt het ontzettend lekker krokant bakken, wat een fijne consistentie in de tomatensaus geeft.

Omdat ik nog een half blikje kidneybonen open heb, besluit ik in plaats van bolognese een chili con 'hack' te maken. Met een saus van verse tomaten, ui, groen en rood pepertje, bosui, knofkook, de kidneybonen dus en... Wie Hack. Rauw smaken de kleine staafjes wat onbestemd en de textuur vind ik wat slap. Bij het aanbraden in de olijfolie wordt het geheel helaas een zompige massa. Ook na goed vijf minuten flink doorbakken is er geen uitzicht op verandering, dus voeg ik toch maar de andere ingrediënten toe (en natuurlijk de nodige specerijen, waaronder een eetlepel koffie). Na tien minuten is de chili klaar om op tafel te worden gezet, samen met een portie rijst.

De chili is prima te eten, erg lekker zelfs, maar volgens mij eerder ondanks dan dankzij de zompige 'Wie Hack'. Liever neem ik dus weer gewoon sojagranulaat, dat ook nog eens een stuk goedkoper is. Aan de andere kant: als ik de foto's op het web mag geloven, hoort gehakt ook zompig te zijn.

06 chili con hack

Wie Rind

'Rundvlees', wat kan of wil ik daar nu weer mee maken? Stoven als in een boeuf bourguignon? Of een goulash of hachee? Al deze opties wijs ik bij voorbaat af: ik wil het product zo puur mogelijk proeven en bovendien zie ik er de lol niet van in, gerechten met vlees in de hoofdrol 'na te maken'. De suggestie op de website om er pitabroodjes mee te vullen, vind ik daarom een goed alternatief. Echter: het is zondag en ik heb geen pitabroodjes in huis. Maar wel nog een half blokje gist en voldoende meel om zelf pitabroodjes te maken. Ook een knoflook-peterselieyoghurt is snel in elkaar gedraaid, evenals schaaltjes met groente voor de saladebar.

Rest alleen nog de 'gyros' zelf. Ik proef eerst een reepje 'wie Rind': dezelfde textuur als de 'kip', maar met een iets 'donkerder' smaak. In de pan worden de reepjes, samen met een sjalotje, snel bruin en knapperig. Met een snufje zout smaken de reepjes al lekker en met voldoende fantasie proef je een beetje 'rundvleesaroma', zonder dat je ook maar het idee krijgt dat het echt vlees is.

Pitabroodjes met iets warms om er in te doen en een saladebar, dat smaakt altijd goed - zo ook dit keer. Weer eens wat anders dan de falafel waarmee ik normaal gesproken de broodjes vul. Ik zou de 'Wie Rind' niet speciaal voor dit doel bestellen, maar als je het toch in huis hebt: lekker!

07 wie rind in pan 08 pita met gyros

En de prijs?

Voor 500 gram Wiefleisch betaal je 6,99 euro (13,98 euro per kilo). Een kilo Wiefleisch kost 12,99 euro. Dat lijkt nogal duur, maar is vergelijkbaar met bijvoorbeeld biologische kaas. De verzendkosten hakken er wel nogal in. Als je 4x500 gram bestelt (27.96 euro) betaal je 27.96 + 9.90 = 37,86 euro. Dat is 18,93 euro per kilo. Dit lijkt een belachelijk hoog bedrag voor blokjes of reepjes groente en erwten, en dat is het wellicht ook. Maar het vooralsnog kleinschalige productieproces rechtvaardigt de prijs - en de Vegetarische Slager vraagt ongeveer net zoveel per kilo. De vraag is dus: heb je 1,90 euro voor 100 gram 'bacon' in je stamppot over? Bedenk wel: voor eenzelfde hoeveelheid biologisch vlees of kaas betaal je ook hetzelfde bedrag - of meer. Als vegetariër of veganist kun je theoretisch een stuk goedkoper eten dan (bewuste) vleeseters, maar je kunt je ook (regelmatig of af en toe) een vergelijkbare luxe gunnen.

Conclusie

Wiefleisch is een lekkere vleesvervanger zonder gekke toevoegingen, op basis van groente en erwten. De producten smaken niet naar vlees, en dat vind ik vooral positief. Het 'gehakt' kon me niet overtuigen, maar de 'bacon', 'kip' en 'rund' waren erg smakelijk en knapperig. Na deze vleesvervangersvierdaagse ben ik overigens wel blij dat ik morgen weer eens 'gewoon zonder' kan eten.

Je kunt in plaats van Wiefleisch natuurlijk ook gewoon de producten van de Oerhollandse Vegetarische Slager kopen, want de ingrediëntenlijstjes voor bijvoorbeeld de bacon zien er vrij identiek uit - en de prijs is ook vergelijkbaar. Als Wiefleisch gewoon in de winkel zou liggen en ik het niet apart online zou moeten bestellen, zou ik het vaker kopen. En dat hoewel ik eigenlijk een aanhanger van het principe 'vervang niet, zoek een alternatief' ben.


Meer (over/met) vleesvervangers!

Eelco, site-administrator en culiredactie, maakt een goeie brunch op zondagochtenden. Werkt als onderzoeker aan 'recommender systems', ook voor recepten, en doet ook iets met privacy.

Vind op Vegatopia

Vaak gelezen

Vegatopia test: Vegetarische kroketten
Het Vegatopia-testpanel heeft de koppen weer bij elkaar gestoken en heeft zich dit keer gebogen...
Vegatopia test: vega filet americain
Filet americain is een smeersel van rauw rundvlees, oorspronkelijk geserveerd met smaakmakers als...

Het Vegatopia Kookboek

Volg ons op

 

Twitter logo

Horeca grootkeuken shop

Kerstpakket

Maxaro keukens

horecarama